Grootverpakkingen
Merelvoer
Wat eten merels?
Merels zijn echte alleseters, maar hebben een duidelijke voorkeur voor zacht voedsel. In het wild scharrelen ze graag over de grond op zoek naar regenwormen, insecten, larven en slakken. Daarnaast zijn merels dol op fruit: denk aan appel, peer, bessen en rozijnen. Wil je weten wat je merels kunt voeren? Denk aan gedroogde meelwormen, zacht strooivoer, vetvoer, havermout en stukjes fruit. Anders dan zaadeters zoals vinken pikken merels liever van de grond of van een platte voederplaats dan vanuit een hangende silo. Harde, grote zaden slaan ze meestal over. In de jaren dat wij ons toeleggen op vogelvoer voor tuinvogels, zien we de merel als een van de meest herkenbare tuinvogels: luidruchtig, zichtbaar en met zijn heldere zang vaak de eerste die je 's ochtends hoort. Met het juiste voer maak je van jouw tuin een vaste pleisterplaats.
Wat eten merels in de winter?
In de winter hebben merels het zwaar: de grond is vaak bevroren, waardoor wormen en insecten onbereikbaar zijn. Wat eten merels in de winter dan wel? Vooral energierijk en zacht voer is dan belangrijk. Gedroogde meelwormen, vetvoer, havermout, zacht strooivoer en fruit zoals appel en rozijnen zijn ideaal. Bied het voer laag of op de grond aan, op een beschutte, kattenveilige plek. Zorg daarnaast voor onbevroren drinkwater, want ook dat is in de winter schaars. In de periode voor de winter, van oktober tot december, helpt bijvoeren merels om hun vetreserves op te bouwen voor de koude maanden. Vooral tijdens vorst en sneeuwval kan een betrouwbare voederplek voor merels het verschil maken.
Wat eten merels in de zomer?
In de zomer vinden merels van nature volop voedsel: regenwormen, insecten, larven en rijpend fruit zijn dan ruim aanwezig. Toch is bijvoeren ook in de zomer waardevol, want het broeden en grootbrengen van jongen kost veel energie. Wat eten merels in de zomer graag? Zacht fruit, meelwormen en zacht voer vullen hun natuurlijke menu mooi aan. Let in deze periode wel op: bied tijdens het broedseizoen, van maart tot en met juni, geen grote, harde stukken of hele pinda's aan, die zijn gevaarlijk voor jonge vogels. Kies bij warm weer voor voer dat niet snel bederft en ververs het tijdig. Zo blijft je tuin ook in de zomermaanden aantrekkelijk voor merels.
Wat eten jonge merels?
Jonge merels hebben zacht, eiwitrijk voer nodig voor een gezonde groei. In het nest worden ze door de ouders gevoed met regenwormen, insecten en larven. Wil je jonge merels in de tuin een handje helpen? Bied dan zachte gedroogde meelwormen aan, bij voorkeur kort gewelt in lauw water zodat ze makkelijker te eten en verteren zijn. Geef nooit grote, harde stukken, hele pinda's of droog brood, dat is gevaarlijk en ongezond voor jonge vogels. Vind je een schijnbaar verlaten jong mereltje? Vaak zijn de ouders dichtbij en is ingrijpen niet nodig. Bij twijfel over een gewonde of echt verweesde jonge vogel neem je het beste contact op met een vogelopvang. De beste hulp is een veilige tuin met natuurlijk en zacht voer in de buurt.
Merels voeren in de tuin: zo doe je het
Merels voeren in de tuin vraagt een net iets andere aanpak dan mezen voeren. Omdat merels graag laag of op de grond eten, werkt een voedertafel, platte voederschaal of voederplateau beter dan een hangende silo. Plaats de voederplek op een open maar beschutte plek, met struiken in de buurt waar de merel snel kan schuilen, maar niet zo dicht dat katten kunnen aanvallen. Verspreid het voer over meerdere plekken, want merels zijn in het broedseizoen territoriaal en jagen elkaar weg. Houd de voederplaats schoon en verwijder bedorven voer en fruitresten tijdig, want die zijn schadelijk voor vogels. Zo voelen merels zich snel thuis in jouw tuin.
Veelgestelde vragen over merel voer
Merels zijn alleseters met een voorkeur voor zacht voedsel. Het liefst eten ze regenwormen, insecten en larven, aangevuld met fruit zoals appel, peer, bessen en rozijnen. In de tuin zijn gedroogde meelwormen, zacht strooivoer, havermout en vetvoer een goede keuze. Harde, grote zaden slaan ze meestal over, hun voorkeur gaat duidelijk uit naar zacht en eiwitrijk voer.
In de winter eten merels vooral energierijk en zacht voer, omdat wormen en insecten door de bevroren grond onbereikbaar zijn. Gedroogde meelwormen, vetvoer, havermout, zacht strooivoer en fruit zoals appel en rozijnen zijn ideaal. Bied dit laag of op de grond aan op een beschutte plek, en zorg ook voor onbevroren drinkwater. Zo help je merels door de koude maanden.
Jonge merels hebben zacht, eiwitrijk voer nodig om gezond te groeien. In het nest krijgen ze regenwormen, insecten en larven van hun ouders. In de tuin kun je zachte gedroogde meelwormen aanbieden, kort gewelt in lauw water zodat ze makkelijker te eten zijn. Geef nooit hele pinda's, grote harde stukken of brood, dat is gevaarlijk en ongezond voor jonge vogels.
Je kunt merels voeren met gedroogde meelwormen, zacht strooivoer, vetvoer, havermout en stukjes fruit zoals appel, peer en rozijnen. Bied het voer laag of op de grond aan via een voedertafel of platte schaal, want merels eten niet graag uit een hangende silo. Vermijd hele pinda's en grote harde stukken, zeker in het broedseizoen, omdat die gevaarlijk zijn voor jonge vogels.
Ja, merels mag je het hele jaar door bijvoeren. In de winter is energierijk en zacht voer belangrijk vanwege de schaarste aan wormen en insecten. In het broedseizoen, van maart tot en met juni, is eiwitrijk voer belangrijk voor de groei van jonge vogels, maar vermijd dan grote harde stukken en hele pinda's. Zacht voer zoals meelwormen en fruit is dan het meest geschikt.

Energierol - Meelworm
Vetstaafjes High Energy Plus




